Q&A Heterogene brugklassen

Q&A Heterogene brugklassen

Questions and answers

MEER TIJD OM TE GROEIEN! BETERE KEUZES VOOR LATER!

Vanaf schooljaar 2026–2027 start het Cambium College (locatie Buys Ballot) met tweejarige brugklassen.
In deze brugklassen krijgen leerlingen met verschillende schooladviezen samen les. Zo hebben zij meer tijd om te ontdekken welk niveau het beste bij hen past. 

Op deze pagina vind je de vragen die we hebben ontvangen, samen met onze antwoorden. We hopen hiermee meer duidelijkheid te geven en de meest gestelde vragen overzichtelijk te bundelen.

ZACHTE LANDING

  • Wat bedoelen jullie concreet met een ‘zachte landing’ in klas 1?
    • Het doel is om eerst te wennen aan de middelbare school en de klas. Tijdens de zachte landing zullen we geen cijfers geven, maar sluiten we de periode af met een woordrapport. In dit rapport ziet u hoe uw kind ervoor staat.    
  • Waar merken leerlingen dit in de eerste weken echt aan?
    • De klas krijgt in de eerste weken veel kennismakingsactiviteiten, zoals de brugklasdisco en het schoolkamp, waardoor ze echt kunnen wennen aan hun klas en de nieuwe school. Verder krijgen de brugklassen een extra klassenuur per week, zodat we meer tijd kunnen besteden aan leren leren en leren plannen.   
  • Wat doen jullie anders dan in een reguliere brugklas?
    • Bij ons krijgen de leerlingen in periode 1 nog geen cijfers en wordt er extra tijd gemaakt om te leren plannen en leren leren. We willen leerlingen hiermee leren dat fouten maken oké is. We vormen cijfermatig nog geen oordeel over de leerling in de eerste periode.  

 

TOETSEN

  • Er zijn ambitieuze plannen rondom toetsing. Wat betekent dat in de praktijk?
    • In de brugklas geven wij vanaf volgend jaar minder toetsen dan voorheen. Elke toets ziet er voor de hele klas hetzelfde uit en geeft twee cijfers, één per niveau.
  • Wordt er dan minder gemeten, of anders gemeten? 
    • Er wordt anders gemeten. Naast de toetsen werken leerlingen in de les namelijk ook aan de leerdoelen. Tijdens de lessen krijgen leerlingen helder welke leerdoelen ze beheersen en welke nog niet; dit houdt de docent bij en springt hierop in.
  • Krijgen leerlingen echt ruimte om fouten te maken zonder dat dit meteen gevolgen heeft? 
    • In periode 1 krijgen leerlingen veel ruimte om fouten te maken en leren ze hoe wij op school te werk gaan. Verder ligt onze focus op het behalen van leerdoelen.
  • Hoe voorkomen jullie dat een slechte start iemand blijft achtervolgen?
    • Door geen toetsen af te nemen in periode 1 zorgen wij voor een fijne start. Het woordrapport dat deze periode afsluit geeft de leerling richting voor periode 2.
  • Hoe weet ik als ouder dan waar mijn kind staat?
    • Het woordrapport na periode 1 zorgt ervoor dat u als ouder betrokken wordt bij het leerproces van uw kind. U heeft geregeld contact met de coach middels het startgesprek, een tussenevaluatie en een eindgesprek. Verder brengt het docententeam ook een voorlopig advies uit halverwege het schooljaar. 

DREMPELLOZE OVERGANG

  • Wat maakt de overgang van leerjaar 1 naar 2 anders?
    • Leerlingen blijven in principe niet zitten en stromen niet af. De eerste twee jaar blijft de hele klas bij elkaar. Pas halverwege jaar 2 bepalen we de route richting jaar 3. 

  • Hoe voorkomen jullie dat leerlingen alsnog snel vastgezet worden op een niveau? 
    • In de overgang van jaar 1 naar jaar 2 wordt er niet bepaald welk niveau de leerling definitief heeft. Ook wordt er bij het eindgesprek een plan van aanpak opgesteld om in jaar 2 verder te kunnen groeien.  
       
  •  Wat gebeurt er als blijkt dat mijn kind toch te hoog of te laag is ingestroomd?
    • De leerling staat op één: bij uitzonderingen is er maatwerk mogelijk. Door de heterogene klassen verwachten wij echter dat leerlingen in de juiste klas starten.  

DETERMINATIE (NIVEAUBEPALING)

  • Wanneer en hoe wordt uiteindelijk bepaald welk niveau het beste past?
    • De resultaten van uw kind worden continu bijgehouden, zowel uit toetsresultaten als uit wat we zien tijdens en naast de lessen. Gedurende de twee jaar zijn er drie adviesmomenten waarin steeds duidelijker met elkaar wordt bepaald welk uitstroomniveau het beste past. Medio maart in leerjaar 2 Nemen we de definitieve beslissing waar uw kind het beste op zijn plek zit. 

  • Op basis waarvan beslissen jullie welke leerroute mijn kind gaat volgen?
    • Dat besluit nemen we op basis van de toetsing op twee niveaus en informatie die docenten ophalen uit de reguliere lessen. Denk bij deze informatie aan bijvoorbeeld huiswerkattitude en inzet. In het hele traject wordt u meegenomen. 

HOMOGEEN VERSUS HETEROGEEN

  • Waarom kiezen jullie voor een heterogene brugklas en niet een homogene?
    • Omdat we erin vertrouwen dat deze vorm meer tijd en ruimte biedt voor groei en een betere bepaling van welk uitstroomniveau passend is. Uw kind krijgt meer tijd om het niveau aan te tonen en er is ruimte om fouten te maken. Laatbloeiers krijgen hierdoor bijvoorbeeld meer kansen.  
       
  • Voor welke leerlingen werkt dit juist wél en voor wie misschien minder?
    • Voor nagenoeg alle leerlingen werkt dit systeem juist heel goed. Echter, uit onderzoek blijkt dat de leerlingen met enkelvoudige vwo-adviezen hier minder bij gebaat zijn. Daarvoor hebben wij een homogene vwo-klas ingeruimd.   
       
  • Wat doen jullie als het in de praktijk toch niet blijkt te werken?
    • Er is een continue evaluatie, er wordt dan ook bijgestuurd als dat tussentijds nodig blijkt te zijn. 

NIET-COGNITIEVE VAARDIGHEDEN (SOCIAAL-EMOTIONEEL, WERKHOUDING EN ORGANISATIEVERMOGEN)

  • Jullie noemen zaken als motivatie, inzet en doorzettingsvermogen. Hoe kijken jullie daar concreet naar?
    • Onze vakdocenten maken voor de coaches inzichtelijk hoe deze zaken naar voren komen bij uw kind tijdens de les. Hiermee krijgt de coach een beter beeld hoe passend een bepaald niveau is.   
       
  • Wordt dit beoordeeld?
    • Jazeker, iedere periode worden deze niet-cognitieve vaardigheden of resultaten, de NCR, bijgehouden in Somtoday en is er een leerlingbespreking. Subjectiviteit houd je altijd een klein beetje, het is immers mensenwerk, maar we spreken goed met elkaar af hoe we dit meten.  
       
  • Wat gebeurt er als een leerling cognitief sterk is, maar hierin achterblijft of andersom?
    • De NCR zal er nooit voor kunnen zorgen dat een leerling met goede cijfers blijft zitten. Echter, bij leerlingen die er twijfelachtig voorstaan, kan het wel inzicht geven over welk niveau het best passend is voor het volgende leerjaar. 

LESMETHODES EN NIVEAUVERSCHILLEN

  • Met welke methodes werken jullie in de brugklas?
    • Bij de vmbo-tl/havo klassen worden vmbo-tl/havo-methodes gebruikt. Bij havo/vwo zijn dit havo/vwo-methodes en bij de vwo-klassen worden vwo-methodes gebruikt.  

  • Hoe differentiëren docenten zonder leerlingen vast te zetten?
    • Docenten labelen bewust niet te snel maar geven leerlingen extra begeleiding en ruimte om fouten te maken zodat leerlingen alle kans krijgen aan te tonen welk niveau passend is.  
       
  • Hoe voorkomen jullie dat sterke leerlingen zich vervelen of dat anderen overvraagd worden?
    • Door te werken met leerdoelkaarten waarin het voor leerlingen mogelijk is om op een eigen niveau te werken aan de stof. Dit kan een uitdagende route zijn, of juist een route om succeservaring op te doen.

JAAR 2

  • Blijft de brugklas na jaar 1 als groep bij elkaar?
    • Het is ons uitgangspunt om de groepen na jaar 1 bij elkaar te houden. Uitzonderingen zijn natuurlijk mogelijk.  
       
  • Wat betekent dat concreet voor de leerling en voor de klasdynamiek?
    • De klassen zullen waarschijnlijk hechter worden en beter op elkaar kunnen inspelen, omdat er langer de tijd is om te profiteren van een goede klassendynamiek.   

Bekijk de doorstroom en advisering

Bekijk de doorstroom en advisering

Flyer heterogene brugklas

Flyer heterogene brugklas